Stichting Vrienden van de schilder Martin Monnickendam
Gezicht op Carlhafen - Duitsland - 1923Het formaat van het schetsblok dat Martin Monnickendam altijd meenam op reis was 38,5x26 cm. Op bovenstaande 3 schetsen kan je goed zien hoe hij een panorama maakte, wat wij nu "in hoge resolutie" zouden noemen.
De 'Herontdekking van Martin Monnickendam'
Zaterdag 22 maart 2014 (pag. 41 in het FD.)
door Erik Spaans.


Veel kunstenaars raken na hun dood in vergetelheid. Soms spant iemand zich in om er eentje uit te halen.
"Wat verdiende een kunstenaar in Nederland in het eerste kwart van de twintigste eeuw? "
In het boek ´Hommage aan Martin Monnickendam´ is daar een interessant hoofdstukje over opgenomen.
Breitner en Mesdag behoorden tot de duurste schilders van hun tijd, met prijzen van vele duizenden guldens. Maar wie kent Martinus Schildt (I867- 1921), Evert Pieters (1856-1932) en F. G.W. Oldewelt (1857-1935) nog, ooit goed voor 3000 tot 5000 gulden per werk?

Martin Monnickendam (1874-1942) zou naadloos in dat rijtje passen. Zou, want er bestaat een stichting die zich met bewonderenswaardige geestdrift inzet voor de nagedachtenis van deze schilder. Dat heeft hij te danken aan één enkele bewonderaar.
Ruud van Helden, in het dagelijks leven notaris, was als kleine jongen al gefascineerd door de schilderijen van Monnickendam die zijn grootvader (een vriend van de kunstenaar) bezat. En dat is nooit meer overgegaan.

Van Helden onderhield een hartelijke relatie met de twee dochters van de kunstenaar. Toen hij zijn zorgen uitsprak over de duizenden tekeningen, aquarellen en schilderijen die in kasten en zolders lagen te verstoffen of verschimmelen, opperden de dochters dat Van Helden zich er dan maar over moest ontfermen. Dat heeft hij gedaan.

Schiderijen die als ´totalloss´ golden, werden gerestaureerd. Een omvangrijke oeuvrecatalogus en een monografie zagen het licht. En er werden goede onderkomens gezocht voor het werk. Want de doelstelling van de stichting ´Vrienden van Martin Monnickendam´ is paradoxaal genoeg niet het verwerven van zijn oeuvre, maar juist het afstoten daarvan. Anders gezegd: de kunstwerken worden ondergebracht bij ´passende´ instellingen.
Het Joods Historisch Museum toonde zich blij met de taferelen van het vooroorlogs joodse leven in Amsterdam.
Het Amsterdam Museum had wel interesse in de vele hoofdstedelijke stadsgezichten en de Parijse taferelen vonden een goed onderkomen in de collectie van de Fondation Custodia.

Omzwervingen in Duitsland.
Binnenkort gaat van Helden naar het Duitse Rothenburg om bij het plaatselijke museum te informeren of er belangstelling is voor de vele schetsen die Monnickendam tijdens zijn omzwervingen in Duitsland heeft gemaakt. Die reizen vormen ook de rode draad van een aardige tentoonstelling in de Amstelkerk in Amsterdam. Monnickendam legde in het buitenland zijn reisindrukken vast in fleurige en losjes geaquarelleerde impressies die wel wat van vakantiefoto´s weg hebben. Een selectie voert de bezoeker via Duitsland, België, Luxemburg, Bretagne en Normandië naar Italië.

Het zijn trefzekere, onbekommerde 'kiekjes' van kerken, paleizen, poorten, deuren, havens, weiden, pleintjes en monumenten. Hier en daar stijgt de kunstenaar verrassend boven zichzelf uit. zoals in een tafereeltje in Wasserbillig aan de Moezel, waar een frisse zomerbries de kleren aan een waslijn doet opwaaien. prachtig is ook ´Het sterrenbeeld de Grote Beer boven Carnac´, waar de hoekig geschilderde sterren in de nachtelijke hemel een intrigerend beeldrijm vormen met de oplichtende ramen in de woning eronder.

Tentoonstelling:
"Met Monnickendam op reis."
t/m 4 april 2014, in de Amstelkerk, Amsterdam